MGD: IJsselkop - Driel

Nederrijn · km 878.6-891.0

Minst gepeilde diepte (MGD)
—cm

Rijkswaterstaat publiceert de MGD eenmaal per dag, rond 08:00.

Laden...

Minst gepeilde diepte (MGD)

Dit is een dienst van de Nederlandse overheid die de feitelijk gemeten vaargeuldiepte in de gemarkeerde vaargeul rapporteert, aangezien de diepte onder OLR (wat eigenlijk een internationale afspraak is die dus gewoon geschonden wordt) niet gehandhaafd wordt. Het praktische nut ervan wordt vaak als beperkt gezien, net als de gegarandeerde diepte beneden GIW of OLR, omdat het niet de exacte locaties van de ondiepe plekken specificeert. In het voorjaar van 2025 werd er bijvoorbeeld een ondiepte ontdekt op de Waal in de vaargeul. Direct werd de Minst gepeilde diepte met 70 centimeter bijgesteld, terwijl de resterende breedte van de geul nog meer dan genoeg was. Echter gaat daarmee ook waardevolle informatie, zoals over de diepte bij de gevaarlijke ondiepe harde laag bij Nijmegen verloren. Daarmee is het meer een tool om verantwoordelijkheid af te schuiven op de schipper. De Nederlandse regelgeving is namelijk zo, dat een schipper in juridische problemen kan komen wanneer hij dieper laadt dan de gepubliceerde MGD zodra hij vervolgens vastloopt, zelf wanneer het door toedoen van een ander zou zijn en zelfs als hij zich zou houden aan de gegarandeerde diepte onder OLR met 30cm marge, net als in Duitsland, maar het bijzondere is dan weer wel dat er geen veiligheidsmarge wordt aanbevolen, zolang je niet dieper ligt dan de MGD dan is het goed, wat in de praktijk natuurlijk eigenlijk nergens op slaat aangezien een schip altijd squat ervaart. Een gronding is daarmee in theorie nog steeds mogelijk wanneer je over een stuk heen vaart dat niet dieper is dan de MGD.

Op de (Boven-)IJssel is de MGD bovendien erg verwarrend en het is onduidelijk hoe hij wordt berekend. Bij normale afvoeren lig je bij een diepgang van Doesburg -220 of -230 tot ongeveer 15 tot 20 cm dieper dan de Minst Gepeilde Diepte. Dan houd je nog steeds een veilige marge tot de daadwerkelijke ondieptes in de diepste geul.

Bij (extreem) laag water wordt de MGD alleen steeds dieper relatief tot de pegels van IJsselkop en Doesburg. Tijdens het extreme lage water van 2026 was de MGD op een gegeven moment 140 cm bij een pegelstand van Doesburg 344 cm, wat betekent dat je bij een diepgang van 140 cm een vuistregel aanhoudt van Doesburg - 204, wat serieus diep was. Het ging afvarend met een 80 m, maar dat betekent wel bij elke ondiepte goed afstoppen.

Ik zou het dus afraden om een vuistregel op de MGD aan te houden, omdat hij zo raar en onvoorspelbaar schaalt met de waterstand en niet met de werkelijke vaargeuldiepte waar wij varen.

Bij zulke diepgangen moet men daarvoor ook goed op de hoogte zijn van de ondieptes en eventueel ook regelmatig de boegschroef gebruiken om door de diepere buitenbocht te varen, naast wachten op afvaart beneden bochten waar officieel geen tegenligverbod geldt. In de dieptekaarten van de IJssel staat bij elke bocht aangegeven waar tegenkomen wordt afgeraden naar aanleiding van simulatoronderzoek van Marin.

Uiteindelijk is dit ook mogelijk omdat er bij laagwater minder vaargeulbreedte nodig is dan uit de standaardberekeningen voor de dimensionering van vaarwegen volgt. Met leeg schip heb je weer meer ruimte nodig, maar in dat geval zijn de ondiepe binnenbochten weer minder een probleem.
Alle pegels ›